[ LOGIN VOOR KLANTEN ]



The AdminCompany, OndernemingsBegeleider

De kredietnota in de filosofie

02-06-2013

Op een dag kreeg een ondernemer die advies gaf aan landbouwers, bezoek van de afgezanten van de koning. Ze kwamen het werk van de grote cijferaar die de ondernemer in dienst had bewonderen. Achteraf bleek dat laatste gewoon een truc te zijn om een voet binnen de deur te krijgen.

Van bewonderen was er niet veel sprake. Neen, de door de grote cijferaar nauwkeurig bijgehouden boeken gingen nog maar pas open en daar kwamen de afgezanten van de koning met opmerkingen. Neen, dit had niet daar mogen geboekt worden. Neen, dat waren zeker geen kosten die in de belastingaftrek mochten meegenomen worden. Tja, zelfs de rekeningen van plaatselijk herbergier waren te veelvuldig en de te hoog van aard. Het kon toch niet zijn dat de ondernemer samen met één enkele klant een compleet everzwijn naar binnen had gewerkt.

De ondernemer kreeg het stilaan maar zeker op zijn heupen. En net op dat moment kregen de afgezanten van de koning een paar creditnota’s in het oog. Ach, dat kon volgens hen nu echt niet. Een dienst crediteren was werkelijk uit den boze. Een advies over hoe je een veld correct moest ploegen, kon niet meer terug gebracht worden. En dus kon daar ook geen kredietnota over gemaakt worden. De ondernemer had zijn leveringen maar beter beperkt tot een ijzer gesmeedde ploeg. De ondernemer werd nog net niet beschuldigd van diefstal. Want zo kon je de schatkist van de koning via de aftrek een heel klein beetje plunderen.

Ondernemers zijn soms grote denkers. Niet alleen omdat ze een goed product bedacht hebben. Niet omdat ze het in deze roerige tijden waar de koning steeds meer belastingen oplegde, nog best hun boterham konden verdienen. Maar ook omdat ze zelf van een beetje hersengymnastiek houden, zeker deze in landbouwzaken advies gevende ondernemer. Dus richtte de man zich op en vroeg aan de afgezanten van de koning of ze ooit van Plato hadden gehoord? Neen, deze landbouwer kenden de afgezanten niet. Geen landbouwer, preciseerde de ondernemer. Wel een filosoof.

En zo begon de ondernemer de afgezanten te onderwijzen over de ‘allegorie van de grot’. We besparen de lezer de complete exposé, maar het komt er op neer dat mensen die in een grot ver voor een vuur zitten en de schaduwen van de mensen die tussen hen en het vuur doorlopen op de grotwand zien, ook niet weten of ze de werkelijke wereld zien. De afgezanten keken verbaasd. “Wel”, zei de ondernemer, “als je nu de factuur van de dienst ziet, zie je dan de geleverde dienst?” De afgezanten knikten voorzichtig van niet. “Aha”, zei de ondernemer, “had ik dan de factuur niet mogen maken?”

De afgezanten voelden dat ze in het nauw gedreven waren. Ze zwegen maar stilletjes. “Wel”, vervolgde de ondernemer. “Het zou ook maar eens kunnen dat er géén dienst was geleverd. Dat ik een te hoog bedrag heb aangerekend. Of dat ik een commerciële korting wil geven aan een ontevreden boer in de zoete hoop dat ik de volgende keer nog mag langskomen voor een mestadvies?” Ja, daar hadden de afgezanten geen tegenwoord voor. Het enige wat ze nog konden suggereren voor ze voor de vlucht vooruit kozen, was dat dan misschien op de kredietnota hiervan enige vermelding werd gemaakt. En toen waren ze weg. Ze moeten nog dagen hoofdpijn hebben gehad…